Ik begon met de Grand Prix-stand, de hoofdmoot van de game. Met Knuckles in een vlotte wagen startte ik mijn eerste race. Wat erg leuk is, is dat de personages interactie met elkaar hebben. Ze praten met elkaar en worden kwaad wanneer je ze met een item raakt. Elk personage heeft een rivaal en de strijd tussen die twee is zelfs nog wat feller.
Wie Mario Kart heeft gespeeld kan snel uit de voeten met CrossWorlds. Zaken als een snelle start, driften en items gebruiken heb je snel in de vingers. De items zijn wel wat minder leuk dan die uit Mario Kart. Daar staat tegenover dat er minder nadruk op ligt. Waar Mario Kart World focust op brede circuits en veel spelers en items, gaat het bij CrossWorlds nog meer om het racen zelf.
Dat komt ook naar voren in de banen, die bestaan uit “gewoon” drie rondes op hetzelfde circuit. Alhoewel? De game heet CrossWorlds met een reden. De tweede ronde verschijnt er een portaal. Rij je daar doorheen, dan kom je opeens op een heel ander circuit terecht. Zo reed ik lekker door een museum, maar belandde ik opeens in een lavawereld. Die overgang gaat soepel en zonder haperingen. Hopelijk loopt dit straks op de Switch (2) net zo soepel. Persoonlijk vind ik de portalen een hele leuke twist, beter dan de intermezzo-stukken in Mario Kart World.
Log in of maak een account aan om een reactie te plaatsen!