Mijn Switch schreeuwde. Niet letterlijk, gelukkig, maar je kent het wel. Zo’n onzichtbare roep. Alsof er diep in het systeem een paar kleine trommelaars zaten te fluisteren: “Pata… pata… pata…” En ik? Ik gaf toe. Voor de tweede keer in mijn leven trouwens, want iets soortgelijks gebeurde eerder. PSP in de hand, nul idee wat ik aan het doen was, behalve dan ritmes roepen alsof ik een bezeten veldheer was, terwijl mijn oogballenleger braaf achter me aan marcheerde. En nu zijn ze terug. Op mijn Switch. En ik zit hier weer, in mijn woonkamer, luid “PON-PON-PATA-PON” te roepen terwijl ik op knopjes duw. Mijn buur denkt waarschijnlijk dat ik een sekte leid. Maar ze weten niet wat ze missen.
In het ritmische avontuur Patapon 1 speel je niet echt als een personage. Jij bent de god. Een onzichtbaar opperwezen met maar één vaardigheid: trommelen. Je volgelingen, de Patapons, zijn kleine oogballen met wapens en blinde toewijding. Ze luisteren naar je ritmische bevelen alsof hun leven ervan afhangt. Wat ook zo is. Zeg je iets verkeerd, dan staan ze gewoon stil, alsof ze hun god even niet verstaan. Die vier knoppen voelen al snel machtiger dan welk zwaard dan ook.
Log in of maak een account aan om een reactie te plaatsen!